Arminius, keuzevrijheid en borstvoeding (2)

In het eerste deel van dit blog schreef ik dat keuzevrijheid rondom borstvoeding samengaat met eerlijke voorlichting. Ook over de nadelen van het niet geven/krijgen van borstvoeding. Informatie is echter niet de enige factor die meetelt in een beslissing. De omstandigheden spelen een grote, vaak doorslaggevende rol in de keus van moeders over het voortzetten of stoppen van borstvoeding.    

Moeders krijgen te maken met obstakels. Die kunnen praktisch van aard zijn, waardoor er borstvoedingsproblemen ontstaan. Een ander probleem is gebrek aan steun. Tenslotte blijken de verwachtingen rondom het moederschap nogal eens te botsen met de praktijk. Voor moeders die stoppen kan het pijnlijk zijn als borstvoeding ‘een eerste levensbehoefte’ wordt genoemd. Zijn zij geholpen met een andere formulering?

praktische problemen

Borstvoeding is natuurlijk. Dit doet ons vaak vergeten dat het ook een geleerd proces is. Als kind al leert een meisje veel van moeders in haar omgeving. Zij ziet moeders hun kind de borst geven, hoe vaak en op welke signalen. Echter voor veel moeders in Nederland en België is hun eigen kind het eerste dat zij aan de borst zien. Hun eigen moeder, de buurvrouw, moeders in hun omgeving, zij gaven maar kort de borst. En dan vaak nog in de beslotenheid van het eigen huis. Moeders hebben hierdoor een tekort aan voorbeelden.

Zorgverleners hebben ook vaak maar weinig ervaring met borstvoeding, en dat is helaas te merken aan de informatie die moeders krijgen. Er zijn goede, bevlogen zorgverleners, maar bij velen is er gewoon een tekort aan kennis. Huisartsen bijvoorbeeld krijgen in hun opleiding maar drie uren les over borstvoeding. Alles bij elkaar krijgen moeders in onze cultuur buitenproportioneel vaak borstvoedingsproblemen, als kloven en ontstekingen, baby’s die te weinig lijken aan te komen, melk die op lijkt te drogen. Dit zijn grotendeels te voorkomen problemen, veroorzaakt door een cultuur waar borstvoeding niet meer de norm is.

Moeders die veel problemen ervaren in het geven van borstvoeding, en uiteindelijk stoppen, hebben deze keus gemaakt in het licht van de omstandigheden. Ze wilden wel borstvoeding geven, maar niet op deze manier, met pijn, problemen, stress. Voor deze moeders is het stoppen met borstvoeding vaak een verdrietige keuze. Ze maken een verlies door: het doet pijn om zo afscheid te nemen van borstvoeding. Ik kan me voorstellen dat benoemen dat kunstvoeding risicovoller is voor een baby zout in de wonde strooit. Maar voor deze moeders is het bagatelliseren van hun verlies niet de goede weg. Zeggen dat de fles ook best goed is, dat het eigenlijk niet zo erg is dat de borstvoeding mislukt is, helpt hen niet. Bij het doormaken van een rouwproces wordt wel gezegd dat je verschillende rouwtaken te vervullen hebt. Het leren omgaan met de praktijk van alledag, weer een toekomst zien. Maar ook: het doorvoelen van je emoties, en het erkennen van het verlies. Door weg te moffelen dat borstvoeding de biologische norm is maken we het moeders moeilijker om die laatste twee rouwtaken te vervullen. Liever zouden we troost bieden.

gebrek aan steun

Er wordt wel gesproken van de ‘borstvoedingsmaffia’. Echter, moeders die borstvoeding geven ervaren vaak het omgekeerde: keer op keer moeten zij hun keus voor borstvoeding verdedigen. Ben je moe? Stop met borstvoeding. Heeft je kind krampjes? Koop antikrampjeskunstvoeding. Komt je kind veel of juist weinig aan? Altijd is er wel een buurvrouw of facebookbekende die meent je te moeten vertellen dat ‘het nu maar eens afgelopen moet zijn met borstvoeding’. De omgeving heeft er vaak een handje van om moeders onzeker te maken. Voedrecht als je weer aan het werk bent is leuk, als je in de praktijk moet vechten voor je recht… dan kan het zomaar zijn dat het op is. Je moed om door te gaan met datgene dat als knap/bijzonder/moeilijk/lastig/raar/vies wordt beschouwd (maar niet gewoon). Veel moeders trekken zelf de kar. Het ‘recht om te kiezen’ verwordt tot: borstvoeding, je eigen keus; je eigen probleem.

Hoe komt dat toch? Ergens is de cultuur verworden tot flesvoedingscultuur. Ik wil nu verder niet ingaan op de oorzaken. Maar die cultuur wordt in stand gehouden, mede doordat onjuiste ideeën over het verschil tussen de borstvoedingsrelatie en het geven van de fles van generatie op generatie worden doorgegeven. Misschien deels ook door de moeders die hun verdriet over het verlies van borstvoeding hebben opgelost door het verschil te bagatelliseren. Een ander probleem is dat men steeds blijft praten over borstvoeding als ‘beste voeding’. Maar dat is het niet. Het is de norm, wat betreft voeding, immuniteitontwikkeling, moeder-kind relatie. Hoe eerder we stoppen met die realiteit verbloemen,  hoe meer kans toekomstige moeders krijgen om hun kind gewoon zelf te voeden.

verwachting en realiteit

Welk beeld had je van een baby voordat je moeder was, en klopte dat met hoe je eigen kind bleek te zijn? Grote kans dat je die vraag met ‘nee’ moet beantwoorden. Je vormt je een beeld van hoe baby’s zijn door je ervaring. Als je weinig te maken hebt gehad met ‘echte’ baby’s, dan is het lastig je een goede voorstelling te maken van het moederschap. En al helemaal van moederschap door borstvoeding. In culturen waar borstvoeding de norm is, zien aanstaande moeders jonge en oudere baby’s aan de borst. Getroost worden aan de borst, gevoed worden op elke kik. De borst is niet alleen voeding, het is ook het gemakkelijkste instrument om je kindje tevreden mee te houden.

Nu naar de westerse realiteit. In series of reclames zie je geen echte baby’s, maar een karikatuur. Baby’s die veel huilen, of juist tevreden de hele dag in hun bedje doorbrengen. Dit klopt niet met de biologie van een baby. We zijn draaglingen, baby’s hebben een grote behoefte aan lichaamscontact. Dát verwacht je niet, als je moeder wordt! Dat baby’s zich helemaal niet zo lang vermaken met een mobiel boven de box, en vaak een slokje willen. Bovendien zijn de eerste levensbehoeften van een baby nogal strijdig met ons mensbeeld, als westerling. We zijn gericht op autonomie, en vergeten maar al te gemakkelijk dat we een sociaal wezen zijn. Autonomie is een illusie, we hebben allemaal anderen nodig. En een kwetsbare mensenbaby nog meer dan oudere kinderen en volwassenen.

Wat heeft dit nu met borstvoeding te maken? Veel. Als jij alleen verantwoordelijk bent voor het voeden van je baby, dan kan dit wel een erg grote strijdigheid zijn met je autonomie-ideaal. Zeker als je het niet verwacht had. Als je verwacht dat baby’s een paar keer een grote voeding willen, en zich verder wel alleen vermaken (terwijl jij het huis poetst), dan is de realiteit een schok. Een speen kan voedingen uitstellen, een baby kan evengoed voldoende melk binnenkrijgen als je het maagje oprekt met een grote flesvol melk. Niet goed voor de baby,  maar voor veel moeders voelt dit gewoon. Het is de culturele norm, al strookt het niet met de biologische norm. Veel kleine beetjes voeden, veel lichaamscontact… normaal gedrag van een baby maakt veel moeders onzeker. Doordat het niet past bij het plaatje dat ze hadden. Stoppen met borstvoeding is zo een manier om verwachting en realiteit met elkaar in overeenstemming te laten zijn.

keuzevrijheid

Terug naar Arminius, en keuzevrijheid. In het licht van de filosofie van Arminius kan je moeders vertrouwen in hun keuzes. ‘De vrije mens vermag het goede te doen’. Maar is er wel sprake van keuzevrijheid, als je borstvoeding wil geven, maar stopt door omstandigheden? Nee. We zeggen: borstvoeding is het beste, en laten vervolgens de moeders die borstvoeding willen geven in de steek. Tachtig procent van moeders start met borstvoeding, het merendeel stopt voortijdig. Het is tijd dat we moeders daadwerkelijk gaan steunen in hun keus. Niet door verbloemend taalgebruik, maar door eerlijke informatie en steun. Als moeders ervoor kiezen om geen borstvoeding (meer) te geven, maken zij die keus in hun omstandigheden. Uit de borstvoedingscijfers kan ik maar één conclusie trekken: de omstandigheden moeten beter.

Borstvoeding is een eerste levensbehoefte voor een baby. Borstvoeding is de keus van de moeder, maar de verantwoordelijkheid van ons allen. Pas dan is een moeder werkelijk vrij om te kiezen.

Advertisements

One thought on “Arminius, keuzevrijheid en borstvoeding (2)

  1. Pingback: Arminius, keuzevrijheid en borstvoeding (1) « blikborstvoeding

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s