Huilen (2)

Vorige week schreef ik over de nieuwe richtlijn excessief huilen bij baby’s. Het mag duidelijk zijn dat ik geen voorstander ben van de RRR-aanpak. Eén van mijn belangrijkste bezwaren is dat de richtlijn ademt dat je als ouder niet steeds op je huilende kind zou moeten reageren. Dit is een uiting van onze cultuur, het idee heeft geen wetenschappelijke basis.

Huilen hoort erbij, lees ik terug in de richtlijn. Is dat zo, en welk patroon in het huilen is dan (volgens de biologie van een mensenbaby) normaal?

Moeilijk?
Huilen is natuurlijk gedrag. Het vermogen om te huilen is lang geleden (in de evolutiegeschiedenis) ontstaan, en dient als signaal om de aandacht van een volwassene te trekken. Dat is te merken: het raakt je tot in je ziel. Dat is precies wat het zo moeilijk te verdragen maakt: harde muziek of zelfs een heimachine zijn beter te verdragen. Huilen doet een appèl op je: doe iets! En dat is precies de bedoeling. In het westen worden baby’s die veel nachtvoedingen vragen, en vaak en vasthoudend huilen, vaak gezien als ‘moeilijk’. De Nederlandse onderzoeker Marten de Vries volgde in de jaren ’70 een groep Masai, waar hij baby’s classificeerde als makkelijk/moeilijk. Toen hij drie maanden later terug kwam, waren er door hevige droogte zeven baby’s overleden. En wat bleek? Er was slechts één ‘moeilijke’ baby overleden, en zes ‘makkelijke’ baby’s. Wat wij ‘moeilijk’ noemen, is dus eigenlijk een kwestie van goed duidelijk maken wat de baby nodig heeft.

Contact
Maar baby’s met een gevulde buik huilen ook, hoor ik u zeggen. Dat klopt, een baby heeft dan ook méér nodig dan een gevulde buik alleen. Alle baby’s ter wereld huilen ongeveer even vaak. De eerste acht weken het vaakst, met een piek ergens tussen zes en acht weken. Koreaanse baby’s bleken overigens niet te voldoen aan dit patroon, maar westerse baby’s en bijvoorbeeld de Afrikaanse !Kung-San wel. Hoe universeel dit patroon is, blijft dus onduidelijk. Maar het opvallendste verschil zit niet in hoe vaak een baby huilt, maar hoe lang. En hoe lang een baby huilt, heeft te maken met Zorgpatroon.  Baby’s die vanaf de geboorte veel gedragen worden, bijvoorbeeld in een draagdoek, blijken (gemiddeld) ook minder te huilen dan het westerse gemiddelde. Vaak voeden maakt verschil, reactiesnelheid maakt verschil. Maar echt GROOT verschil maakt de combinatie ervan. Het onderzoek dat ik aanhaalde vond dat baby’s op wie snel gereageerd werd, maar die lange tussenpozen tussen de voedingen hadden, veel huilden; en baby’s op wie traag gereageerd werd maar die wel vaak gevoed werden ook. Baby’s op wie snel gereageerd werd EN die vaak gevoed werden huilden duidelijk minder dan beide andere groepen. Of, in de woorden van Meredith F. Small: ‘it appears that caretaking is both the most likely initial cause and the most effectieve strategy for relief of excessive crying’.

it appears that caretaking is both the most likely initial cause and the most effectieve strategy for relief of excessive crying
Meredith F. Small

Boodschap
Even voor de helderheid: er zijn meer factoren die meespelen. Roken tijdens de zwangerschap is een belangrijke factor in veel huilen, en de baby kan natuurlijk last hebben van een lichamelijk ongemak. Maar responsiviteit, dat wil zeggen snel en correct reageren op signalen van een baby, is een duidelijke factor in het huilpatroon dat een baby ontwikkelt. Dat is een lastige boodschap. De keus van het JGZ is om dit weg te moffelen, benadrukt wordt dat je als ouder niets ‘fout’ hebt gedaan, dat huilen erbij hoort.
De gemiddelde westerse baby huilt de eerste drie weken ongeveer 22 min/dag, daarna ongeveer 34 min/dag, en na een week of acht neemt het weer af. Deze cijfers vormen een groot contrast met wat Nederlandse moeders verteld wordt: twee uur per dag zou normaal zijn. Misschien bedoelt o.a. de richtlijn excessief huilen dat het tot twee uur nog ‘normaal’ is, een soort maximum (en geen gemiddelde). Dan zouden er voor elke twee uur huilende baby drie baby’s moeten zijn die niet huilen, dan klinkt twee uur me nog steeds niet heel ‘normaal’ in de oren. En dat gemiddelde van een half uur per dag is al veel, vergeleken met niet-westerse baby’s.

De keus van het JGZ is begrijpelijk, je wil ouders hun kracht laten hervinden. Vertrouwen in jezelf als ouder is ontzettend belangrijk, en een baby die erg veel huilt ondermijnt dat vertrouwen behoorlijk. Maar het wringt. Traag reageren op de signalen van een baby draagt bij aan veel huilen, maar de boodschap die ouders van het JGZ krijgen is dat ze níet, of niet zo snel moeten reageren. ‘Altijd willen troosten’ staat zelfs bij het rijtje ‘valkuilen’ van de richtlijn excessief huilen bij baby’s. En waarom mag je een ouder wel zeggen dat hij/zij te weinig ritme in de dag aanbrengt, maar niet dat baby’s lichaamscontact en een snelle reactie nodig hebben?

bloggerbeeb 048Het enige dat ik kan bedenken, is dat in het eerste geval de ‘fout’ bij de baby gelegd kan worden. Maar denken in fouten is niet constructief, moeder en baby rollen in een patroon. Als duo, als tweetal. En de cultuur draagt bij aan een niet-constructief patroon.

meer lezen:

Our babies, ourselves – Meredith F. Small

Why African babies don’t cry

Advertisements

8 thoughts on “Huilen (2)

  1. Je blog beschrijft precies hoe ik het moederschap en gedrag van mijn kinderen toen ze klein waren intuïtief heb ervaren. Het is toch zo simpel: kind huilt, je stopt er een borst in en het kind (en ik dus ook) is tevreden. Eenvoudig toch? De hele richtlijn druist zo tegen dat intuïtieve in… huilbaby’s zijn er niet, die worden gecreëerd op deze manier.

    • hoi Miranda,
      ik sta er iets genuanceerder in. Ja, niet responsief reageren zorgt voor een onbalans bij een baby, zijn wereld ‘klopt’ niet. Wel zijn er een aantal andere factoren die kunnen bijdragen aan excessief huilen. Pijn, natuurlijk. Dat is duidelijk, en eigenlijk spreek je dan m.i. niet van een ‘huilbaby’. Baby’s die veel huilen terwijl ze veel lichaamscontact hebben en vrij continu gevoed worden, hebben vaak toch een onderliggend lichamelijk probleem (i.t.t. wat JGZ stelt, maar in hun groep zitten dus veel baby’s die dat lichaamscontact en vaak/snel voeden moeten missen). Dat is in elk geval het beeld dat ik krijg van de verhalen die ik hoor van AP-moeders. Maar een baby kan ook ‘huilbaby’ zijn als een moeder in de zwangerschap rookt, of veel stress heeft. Nog een kleine toevoeging: ook ‘echte’ huilbaby’s zou je wat mij betreft anders moeten noemen. Ik kan me wel vinden in de term van Dr Sears: high-need babies. Deze baby’s hebben precies hetzelfde nodig als andere baby’s, lichaamscontact, responsiviteit; maar dan een beetje méér.

    • Oh en nog een kleine toevoeging: ik herken wel precies wat je zegt hoe simpel het kan zijn. Het is voor beide partijen heerlijk als je zo in de flow zit samen. Je bent een twee-eenheid 🙂 Als je eenmaal uit die flow bent, voor wat voor reden ook, is het lastiger weer terug te komen is mijn ervaring. Mijn 3e kind had wat lichamelijke klachten, dat had direct effect op die flow.

  2. Een correctie op mijn blog: het is niet het vaak voeden, of het snel reageren dat significant verschil maakt in de hoeveelheid huilen, maar de combinatie ervan. Het onderzoek dat ik aanhaalde vond dat baby’s op wie snel gereageerd werd, maar die lange tussenpozen tussen de voedingen hadden, veel huilden; en baby’s op wie traag gereageerd werd maar die wel vaak gevoed werden ook. Baby’s op wie snel gereageerd werd EN die vaak gevoed werden huilden duidelijk minder dan beide andere groepen.

  3. Pingback: Woord | blikborstvoeding

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s